ANTIKE
Auteur |
Mac Gerdts |
| Uitgever | Eggertspiele |
| Aantal spelers | 2 tot 6 |
| Spelduur | 90 - 120 minuten |
| Bouwjaar | 2005 |
| Prijs | 41,35€ |
| Recensie door | Vandenbogaerde Fabrice |
| Score | 7,5/10 |
| Links | Eggertspiele Mac Gerdts Antike-video |
| Bijzonderheden | Winnaar Tric Trac Bronze 2006 Derde plaats Deutscher Spiele Preis 2006 Finalist International Gamers Awards 2006 |


Antike staat garant voor 1,9 kilogram spelplezier. Heel wat spelmateriaal dus waaronder een tweezijdig spelbord, 12 natiekaarten, 35 personenkaarten, 20 tempels, 150 stadstenen (25 per kleur), 102 legioenen (17 per kleur), 102 schepen (17 per kleur), 36 markeerstenen (6 per kleur), 30 geldstukken, een groot aantal fiches (ijzer, marmer en goud) en 4 samenvattingskaartjes. De speelstukken zijn uit hout vervaardigd en de fiches zijn voldoende dik.
In Antike proberen de spelers zo snel mogelijk een aantal personenkaarten te winnen. Gebieden veroveren is één van de mogelijkheden om deze kaarten in jouw bezit te krijgen maar dat vele wegen naar Rome leiden, wordt ook hier weer duidelijk. Zo bieden naast veroveringen ook vooruitgang en bezittingen mogelijkheden.
Kies op welke kant van het spelbord gespeeld wordt. Daarna krijgt elke speler een natiekaart voor deze zijde van het spelbord. (De keuze van de naties is afhankelijk van het aantal spelers.)
Elke speler kiest een kleur en krijgt het spelmateriaal in de gekozen kleur. Op de natiekaart staat vermeld welke steden een speler in het spelbegin bezet en hoeveel fiches hij als startkapitaal krijgt.
De tempels en fiches worden naast het spelbord gelegd. De personenkaarten worden gesorteerd naast het spelbord gelegd.
De natiekaarten: links de bronnen waarmee je start, onder de figuur de zijde van het spelbord die gebruikt moet worden en onderaan de startsteden die afhankelijk zijn van het aantal spelers.

De spelers komen om beurt aan zet. Telkens als de startspeler aan de beurt is, ontvangt elke natie 1 geldstuk. In zijn spelbeurt werkt een speler 3 fases af.
Bovenaan rechts bevat het spelbord het zogezegde 'actiekompas'. Dit kompas toont 8 acties. Tijdens zijn eerste beurt zet de actieve speler een markeersteen op een actie naar keuze en voert hij deze actie uit. In elke latere beurt moet hij zijn markeersteen 1, 2 of 3 vakken in wijzerzin verplaatsen en de desbetreffende actie uitvoeren. Een speler mag zijn markeersteen eventueel meer dan 3 vakken verplaatsen maar dan moet hij daar per vak voor betalen.
Het 'actiekompas'.
Het kompas bevat 3 soorten acties: vakken die bronnen produceren, vakken waarmee je geproduceerde bronnen kunt investeren en 2 militaire vakken.

Als een speler tenminste één militaire eenheid in een gebied bezit, mag hij daar een nieuwe stad stichten op voorwaarde dat zich daar nog geen stad bevindt natuurlijk. Het stichten van een nieuwe stad kost een speler 1 goud, 1 ijzer en 1 marmer.
Voldoet een speler aan de voorwaarden voor het winnen van een personenkaart, dan mag hij deze uit de bank nemen, als de kaart nog voorradig is tenminste.
Er zijn 5 verschillende personenkaarten, tussen haakjes staat het aantal kaarten die in het spel aanwezig zijn:
De volkenkaarten zijn genummerd zodat je telkens weet hoeveel er nog beschikbaar zijn.

De winnaar is de speler die als eerste het beoogde aantal personenkaarten bezit. (Deze vooruitgang wordt aangeduid aan de hand van een markeersteen.)
Als je Antike aanschaft met de bedoeling eens ferm de oorlogsheld uit te hangen, dan zou je wel eens het gevoel van de kat in een zak kunnen hebben. Veroveringen maken slechts een klein deeltje van het geheel uit. Focussen op eigen ontwikkeling en vooruitgang is van kapitaal belang. Meestal bepaalt de strategie van de spelers dan ook de beleving van het spel. Zitten er bijvoorbeeld 3 minder agressieve spelers aan tafel dan zou het best wel eens kunnen zijn dat het spel voorbij is zonder dat er één gevecht heeft plaats gevonden. In zo'n potje heb je enkel het gevoel de eigen beschaving te ontwikkelen en liggen de keuzes voor de hand. Toch is een behoudende manier van spelen in een spel met drie vaak de goede. Degene die wel aanvalt, is dikwijls de pineut. Tenzij je aanvalt om een laatste kaart te veroveren, maar dat doe je dan ook maar op het einde van het spel. Vanaf het ogenblik dat er meer dan drie spelers deelnemen is aanvallen onontbeerlijk en toont Antike zijn ware klasse. Afspraken kunnen gemaakt worden, de ruimte is beperkter en acties moeten wel overwogen worden. Het 'actiekompas' zorgt daarbij voor een uniek spelsysteem. Hoewel het spel vlot aanleert en speelt en het zeker de speltafel nog zal halen, had ik net iets meer verwacht van Antike.
TIP: ik heb me laten vertellen dat Imperial, de opvolger van Antike, een beter spel zou zijn.
Juli 2008
| S |