PUERTO RICO KAARTSPEL
| Auteur | Andreas Seyfarth |
| Uitgever | Alea |
| Aantal spelers | 2 tot 4 |
| Spelduur | 45 - 60 minuten |
| Bouwjaar | 2004 |
| Prijs | 18€ |
| Recensie door | Vandenbogaerde Fabrice |
| Score | 8.4/10 |
| Links | Alea Andreas Seyfarth |
| Bijzonderheden | 5de spel in de Alea 'Small Box' serie |


110 speelkaarten, 1 gouverneurkaart, 5 rollenkaarten, 5 handelshuiskaartjes en één scoreblok + potlood vullen de inhoud van de op maat gemaakte speldoos.
Welke rol je ook kiest in de nieuwe wereld. Je hebt maar één doel voor ogen: zoveel mogelijk welvaart bereiken. Wie bouwt de meest belangrijke gebouwen, wie produceert de meeste goederen en vooral wie behaalt de meeste punten.
De startspeler krijgt de gouverneurkaart.
De 5 rollenkaarten worden in het midden gelegd, de 5 handelshuisjes worden als gedekte stapel ernaast gelegd.
Iedere speler krijgt een indigoververij en 4 kaarten van de geschudde stapel. De rest van de stapel wordt in het midden gelegd.
Het spel verloopt over meerdere rondes, wie aan de beurt is kiest een rol en voert de bijhorende acties uit. Vervolgens mogen ook de medespelers de actie die bij die rol hoort uitvoeren. Waarom dan een rol kiezen? Omdat een rol altijd een privilege oplevert. Als elke speler een rol gekozen heeft, wordt de gouverneur in wijzerzin doorgegeven en start een nieuwe ronde.
De kaarten vervullen verschillende rollen. Op een kaart staat een gebouw en de kostprijs om dat gebouw te bouwen. Onderaan staat ook hoeveel punten dit gebouw oplevert. Kaarten kunnen ook als betaalmiddel en als goederen dienen. Elke kaart is één goudstuk of één goed waard.


Er zijn 3 soorten gebouwen:
Het spel eindigt direct na de bouwmeesterfase waarin tenminste één speler zijn 12de gebouw heeft gebouwd. De speler telt de punten van zijn gewone gebouwen en de punten die zijn speciale gebouwen opleveren samen. De speler met de meeste punten wint het spel.
Dit kaartspel, dat afgeleid is van het met prijzen overladen bordspel, zit leuk in elkaar maar kan niet tippen aan zijn grote broer. Het spel speelt wel een stuk gemakkelijker en vlotter waardoor het ook door een occasionele speler gesmaakt kan worden. Dat de kaarten verschillende rollen kunnen vervullen is een leuke vondst. Vanzelfsprekend is bij het trekken van de kaarten wat geluk gemoeid, maar meestal kan je met je handkaarten toch verschillende kanten uit. Wie in het begin de bibliotheek bouwt (dit gebouw verdubbelt elk privilege) is ruim in het voordeel, meestal spelen wij zonder dit gebouw.
In hetzelfde genre zou ik opteren voor het kaartspel Machiavelli en ook het bordspel Puerto Rico vind ik een klasse beter.
Daarmee wil ik niet zeggen dat het kaartspel een miskoop is.
September 2006
| S |